Sinds 1 mei 2016 is de Wet DBA van toepassing. Deze wet heeft niet de duidelijkheid en rust gebracht die hij moest brengen. Het kabinet heeft daarom besloten de wet te vervangen. Het streven is om de nieuwe maatregelen op 1 januari 2021 in te laten gaan. Tot die tijd blijft de Wet DBA van kracht.

Opdrachtgever en zzp’er samen verantwoordelijk

Opdrachtgevers en zzp’ers zijn samen verantwoordelijk voor de arbeidsrelatie die zij met elkaar aangaan. Zij moeten ervoor zorgen dat er duidelijkheid is over hun arbeidsrelatie. En dat er niet eigenlijk sprake is van loondienst.

Gaat een zzp’er voor een opdrachtgever werken? Dan moeten zij samen bepalen of er sprake is van loondienst (een dienstbetrekking). In veel gevallen is het duidelijk dat hiervan geen sprake is. In twijfelgevallen kunnen zzp’ers en hun opdrachtgevers een modelovereenkomst gebruiken, maar dat is niet verplicht.

Wanneer is sprake van loondienst?

Is er sprake van loondienst, of niet? Dát is de centrale vraag bij de wet DBA. Opdrachtgever en opdrachtnemer moeten samen bepalen of er sprake is van een opdracht die wordt verleend door de ene ondernemer aan de andere of dat er sprake is van werken in loondienst.

Alles hangt af van de antwoorden op de volgende vragen:

  • Heeft de opdrachtnemer een verplichting tot persoonlijke arbeid?
    Dat is zo als hij het werk zelf moet doen. Hij mag zich dus niet door iemand anders laten vervangen zonder overleg met de opdrachtgever.
  • Is er een gezagsverhouding tussen opdrachtgever en opdrachtnemer?
    Zo’n verhouding is er als de opdrachtgever bepaalt hoe de opdrachtnemer de opdracht moet uitvoeren, dus als de opdrachtnemer aanwijzingen en instructies moet opvolgen.
  • Krijgt de opdrachtnemer loon?
    Dat is het geval als de opdrachtgever aan opdrachtnemer méér betaalt dan alleen een vergoeding voor kosten die hij maakt.

Is het antwoord op al deze vragen ‘Ja’? Dan is de opdrachtnemer in loondienst. Is het antwoord op 1 of meer van deze vragen ‘Nee’? Dan is de opdrachtnemer niet in loondienst.

Wanneer spreken we van een fictieve dienstbetrekking?

Als er geen sprake is van een echte dienstbetrekking, kan de arbeidsrelatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer (en zelfs de hulpen van de opdrachtnemer) een fictieve dienstbetrekking zijn. Een fictieve dienstbetrekking en een echte dienstbetrekking worden voor de loonheffingen op dezelfde manier behandeld. U past voor het inhouden en betalen van loonheffingen dezelfde regels toe als bij echte dienstbetrekkingen.

De volgende arbeidsrelaties zijn in beginsel fictieve dienstbetrekkingen (artt. 3, 4 en 5 Wet op de Loonbelasting 1964):

  • (partners van) aandeelhouders met een aanmerkelijk belang
  • aannemers van werk en hun hulpen
  • agenten en subagenten
  • artiesten en beroepssporters
  • bemanning van vissersvaartuigen (deelvissers)
  • bestuurders van coöperaties met werknemerszelfbestuur
  • uitvoerende bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen met een one tier board en alle bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen met een two tier board (voor overeenkomsten aangegaan op of na 1 januari 2013)
  • gelijkgestelden (iedereen die als niet-ondernemer ten minste 2 dagen per week werkt voor dezelfde opdrachtgever)
  • leerlingen en stagiairs
  • meewerkende kinderen
  • sekswerkers die werken voor een exploitant
  • thuiswerkers en hun hulpen
  • topsporters met een A-status van NOC*NSF
  • opdrachtnemers die door tussenkomst van een intermediair werken voor een klant van de intermediair

Met name zelfstandig ondernemers moeten hier dus heel goed oppassen en afspraken goed vastleggen, ook al is er géén sprake is van een verplichting tot persoonlijke arbeid of een gezagsverhouding. Freelancers of zelfstandigen zonder personeel kunnen hun afspraken met de opdrachtgever vastleggen in een van de door de Belastingdienst ter beschikking gestelde modelovereenkomsten. De opdrachtgever hoeft geen loonheffingen in te houden en te betalen als beide partijen volgens deze overeenkomst werken. De opdrachtnemer ontvangt in dat geval voor de werknemersverzekeringen en de bijdrage Zvw zelf een aanslag.